Vriendenkring Feanwalden
Toneelvereniging Vriendenkring is opgericht op 18 april 1912

Interview Willem Molenbuur Dorpskompas

“Vriendenkring 100 jier jong”, in petear mei..

In het kader van het 100 jarig jubileum van de toneelvereniging Vriendenkring heeft het bestuur ons op pad gestuurd om  meer te weten te komen over de historie van de vereniging en over de mensen die daar op wat voor manier dan ook een bijdrage aan hebben geleverd. Daarom hebben we een bezoek gebracht aan iemand die al meer dan 50 jaar actief betrokken is bij de vereniging, namelijk Willem Molenbuur.

 

Willem kwam in 1959 bij Vriendenkring. Hij werd hiervoor gevraagd omdat de vereniging op zoek was naar nieuwe werkende leden. Zeker in de beginjaren moest men met regelmaat op zoek naar nieuwe spelers. Vrouwelijke spelers stopten op het moment dat ze gingen trouwen; mannen vetrokken vaak vanwege werkzaamheden naar elders.

 

 

 

In de beginjaren van de vereniging waren de stukken in zijn algemeenheid een stuk serieuzer dan wat wij nu gewend zijn. Het publiek pinkte dan ook menig traantje weg. Om toch met een goed gevoel naar huis te gaan, werd er meestal een luchtig nastuk gespeeld. Later in de jaren ‘50 en begin jaren ‘60 ging het in de meeste gevallen over een boerengezin met een dienstmeid of een knecht in dienst. Een knecht werd dan bijvoorbeeld verliefd op de dochter of op de dienstmeid. Nog weer later kwam er wat meer variatie in de stukken die werden gespeeld. Steeds vaker werd er een blijspel opgevoerd of bijvoorbeeld een thriller.

 

Een stuk dat Willem is bijgebleven is het stuk “It heft in hannen”  (76/77) waarin hij en Anne Brouwer twee broers spelen. Of “De trije einepiken” (78/ 79);  een thriller gebaseerd op het boek “The Mousetrap” van Agatha Christie. Maar ook op latere stukken zoals “Treast mei sûker en molke” (98/99) en “Pater en non, wer binne wy oan begûn” (06/07) kijkt Willem met plezier terug. “Je moet het echter wel zien in het tijdsbeeld van toen. Dat maakt het ook moeilijk om stukken met elkaar te vergelijken.”

 

Als het gaat om jaartallen, namen en rugnummers ben je bij Willem op het juiste adres. Willem heeft zeker vijf plakboeken vol met informatie, programmaboekjes en krantenknipsel van de vereniging. Willem heeft bijvoorbeeld met meer dan 100 verschillende mensen gewerkt in de loop der jaren.

Op de vraag wanneer een stuk geslaagd is antwoord Willem “als het publiek tevreden is.” Natuurlijk kun je het niet altijd iedereen naar de zin maken maar het publiek bepaalt uiteindelijk of een stuk leuk is.

 

We vroegen Willem of het publiek in de loop van de jaren ook is veranderd. Dit is zeer zeker geval. Het publiek en eigenlijk iedereen is namelijk veel kritischer geworden. Reden hiervoor is dat men tegenwoordig via televisie, radio, internet en theaters veel meer in aanraking komt met toneel of film. Men ziet veel meer. Je bent al gauw geneigd om Vriendenkring te vergelijken met datgene wat je op televisie ziet. Vroeger had men nog geen televisie en was het avondje Vriendenkring hét uitje waar je naar uitkeek. Men was dus veel minder gewend. Toch merk je dat het gevoel van een avondje Vriendenkring is blijven bestaan en dat men nog steeds met plezier naar Vriendenkring gaat.

 

Vriendenkring kent een aantal tradities. Denk hierbij aan de Wâldsang, de bel die gebruikt wordt, het ôfrekkenjûntsje en de maand februari als “voorstellingsmaand”. We vragen Willem of hij een idee heeft hoe dit is ontstaan. Zeker ook omdat we in de notulen (50-er jaren) lezen dat het Fries volkslied werd gespeeld aan het eind van de avond. Ook Willem moet hierop het antwoord schuldig blijven. Toen Willem bij het toneel kwam was standaard de tweede kerstdag de dag waarop de voorstelling werd gespeeld voor ongehuwden en een week of twee weken later voor gehuwden. Ook kan Willen zich niet herinneren dat de Waldsang werd gezongen in de beginjaren van zijn toneelcarrière. Waarschijnlijk zijn deze tradities in de jaren 70 geleidelijk aan ontstaan zonder dat het is besloten in een ledenvergadering of iets dergelijks.

 

Als laatste vragen we Willem naar de verschillen van toen en nu. Willem geeft aan dat de ontwikkeling van de techniek iets is waar je niet om heen kunt. Aan vakmanschap en creativiteit heeft het nooit ontbroken in al die jaren. Maar waar tegenwoordig via de computer een geluidsfragment van onweer wordt afgespeeld, ging men vroeger bijvoorbeeld met een stuk zelf gemaakt dun metaal “wapperen”. Of er werd een soort windmachine gefabriceerd van een wiel en plastic.

 

Wat dat betreft kan het contrast met de musical die op 21 en 28 april in de “Rinsehal” wordt gespeeld niet groter. Alles wordt uit de kast gehaald om “Ja zuster, nee zuster” zo goed mogelijk ten gehore te brengen. Wilt u alvast een voorproefje? Kijk dan op www.vriendenkringfeanwalden.nl Ook voor het laatste nieuws kunt u terecht op deze site.

 

Tot slot wenst Willem iedereen het allerbeste en bedanken we Willem voor zijn tijd en voor de koffie natuurlijk.

 

De Jakhalzen van Vriendenkring.